CV – installatie

Uw cv-installatie zorgt voor de verwarming van uw woning en voor warm water.
Op deze pagina leest u wat u zelf kunt controleren en wat u kunt doen bij een storing.

Werkt de verwarming of het warme water niet?

Controleer eerst:

  • Staat de thermostaat aan?
  • Ligt de waterdruk tussen 1,5 en 2,0 bar?
  • Geeft de cv-ketel een storing aan?

 

Is de waterdruk te laag? Dan kunt u de cv-installatie zelf bijvullen. Lees hieronder hoe dit moet

Waterdruk controleren en bijvullen

De juiste waterdruk van de cv-installatie ligt tussen 1,5 en 2,0 bar. U kunt de waterdruk aflezen op het display van de cv-ketel.

Is de waterdruk lager dan 1,5 bar? Dan moet u de cv-installatie bijvullen. Het controleren en bijvullen van de cv-installatie doet u zelf.

Zo vult u de cv-installatie bij

  1. Zet de thermostaat laag en laat de cv-installatie even afkoelen.
  2. Sluit de vulslang aan op de waterkraan.
  3. Laat de slang eerst voorzichtig vollopen met water, zodat er zo min mogelijk lucht in zit.
  4. Sluit de vulslang aan op de vulkraan van de cv-installatie.
  5. Open de waterkraan en daarna de vulkraan.
  6. Houd de waterdruk op het display in de gaten en vul bij tot ongeveer 1,8 bar.
  7. Sluit eerst de vulkraan en daarna de waterkraan.
  8. Maak de vulslang los.

 

Controleer daarna of de waterdruk tussen 1,5 en 2,0 bar staat.

Liever zien hoe het werkt?
Bekijk dan de video waarin stap voor stap wordt uitgelegd hoe u de cv-installatie bijvult.

Bekijk hoe u de cv-installatie bijvult

Komt u er niet uit?

Heeft u de bovenstaande stappen gecontroleerd, maar werkt de cv-installatie nog steeds niet? Of geeft de cv-ketel een storing aan? Neem dan contact op via onderstaande informatie.

Contact opnemen